Toekomst Pensioenfonds Staples

In het voorjaar van 2014 is het pensioenfonds door De Nederlandsche Bank (DNB) aangemerkt als een door de vergrijzing krimpend pensioenfonds. Sinds 1 januari 2015 worden er door de werkgever geen nieuwe medewerkers meer aangemeld bij het fonds, en per 1 juli 2018 bouwen alle deelnemers pensioen op in de beschikbare premieregeling bij een andere pensioenuitvoerder. Het pensioen dat tot 1 juli 2018 is opgebouwd blijft bij het pensioenfonds staan. Het pensioenfonds is hierdoor een gesloten fonds geworden.  

Ook een gesloten fonds kan zelfstandig voortbestaan. Weliswaar komen er geen premies meer binnen, maar ook de verplichtingen nemen af. Het pensioenvermogen levert naar verwachting via beleggingen genoeg op om de pensioenen uit te betalen (inclusief indexatie, als het goed gaat). Een krimpend en gesloten fonds heeft te maken met een aantal specifieke risico's. Die zijn o.a. door DNB opgenomen in een ‘factsheet’ (een overzicht van deze risico's) uit augustus 2013

DNB heeft in het factsheet voorbeelden genoemd met betrekking tot:

  • Gekwalificeerde mensen voor bestuur en andere organen
  • Kostenvoorziening voor het betalen van de uitvoeringskosten
  • Beleggingsrisico’s die niet passen bij de veranderende verplichtingen
  • Zicht op (toekomstige) overdrachtsmogelijkheden
  • Capaciteit om actuariële risico’s zelfstandig op te vangen
  • Communicatie met de deelnemer
  • Balans tussen de beheersomgeving en de complexiteit van de beleggingsportefeuille

Het bestuur heeft zich verdiept in deze risico’s en naar aanleiding van deze analyse is een kwetsbaarheidsmatrix opgesteld. Hierin staan alle relevante risico’s – inclusief de in de factsheet opgenomen risico’s-  die van invloed kunnen zijn op de kwetsbaarheid van het pensioenfonds. Kwetsbaarheid in de zin van de mogelijkheid dat het voortzetten niet meer in het belang van de belanghebbenden is en het fonds niet meer zelfstandig kan voortbestaan.

Aan de hand van de kwetsbaarheidsmatrix bekijkt het bestuur regelmatig of het de beste oplossing is voor alle belanghebbenden om als zelfstandig pensioenfonds verder te gaan en/of dat er een andere vorm moet worden gekozen. Het fonds kan bijvoorbeeld overgaan naar een bedrijfstakpensioenfonds, een Algemeen Pensioenfonds (APF) of een verzekeraar. Een combinatie is in principe ook mogelijk. 

In juni 2017 heeft het bestuur een plan opgesteld om de continuïteit binnen het bestuur te bewaken. Dit wordt intern 'Plan B' genoemd. In dit plan staan een aantal scenario's en maatregelen die ervoor zorgen dat het pensioenfonds goed bestuurd wordt, ook in de toekomst. De druk op bestuurders neemt toe en er worden hoge eisen gesteld aan bestuursleden. Voor de werkgever is het steeds lastiger om bestuurszetels te blijven bezetten vanuit de eigen organisatie. Dat is ook de reden dat er in 2016 een bestuurszetel is vervuld door een externe kandidaat. 

Na zorgvuldige en evenwichtige afweging van alle belangen, blijft de conclusie van het bestuur dat voorgaan als zelfstandig pensioenfonds op dit moment de beste optie is. In de toekomst kan dat veranderen. De toekomst van het pensioenfonds is een vast agendapunt voor het bestuur en dat blijft zo. Uiteraard houdt het bestuur alle deelnemers op de hoogte van nieuwe ontwikkelingen. 

Hebt u vragen over de toekomst van het pensioenfonds, kijk dan bij veelgestelde vragen over de toekomst van het pensioenfonds